Bewegingsmelder aansluiten met 2 draden: zo werkt het

bewegingsmelder aansluiten 2 draden

Een bewegingsmelder aansluiten met 2 draden kan als je een melder gebruikt die zonder nuldraad werkt. Op de plek van een bestaande schakelaar sluit je de fasedraad en de schakeldraad aan op de melder. De lamp blijft via de nuldraad met de voeding verbonden. Niet elke bewegingsmelder is hiervoor geschikt.

Gebruik een melder die bij je lamp past. Vooral bij ledverlichting kunnen een te laag vermogen of een ongeschikte combinatie zorgen voor knipperen of nagloeien.

Welke bewegingsmelder is geschikt voor 2 draden?

Zoek een bewegingsmelder die volgens de fabrikant geschikt is voor aansluiting zonder nuldraad. Zo’n melder kan vaak een gewone wandschakelaar vervangen. De twee aansluitingen zijn meestal bedoeld voor de fase en de draad naar de lamp.

Heeft de melder naast een aansluiting voor de fase en de lamp ook een verplichte N-aansluiting? Dan kun je hem niet op deze manier aansluiten zonder een nuldraad naar de melder te brengen. Kies een geschikt tweedraads model of laat een elektricien de bedrading aanpassen.

Twee draden in een doos zijn niet vanzelf een fase en een schakeldraad. In een bestaande installatie kunnen de kleuren afwijken. Laat een elektricien de functie van de draden vaststellen als je daarover twijfelt.

Bewegingsmelder aansluiten met 2 draden

Bij een eenvoudige aansluiting zit de bewegingsmelder tussen de voeding en de lamp. Dit is de gebruikelijke volgorde:

  • De fasedraad gaat naar de ingang van de melder, vaak aangeduid met L.
  • De schakeldraad naar de lamp gaat naar de uitgang, vaak aangeduid met L1 of een pijltje.
  • De nuldraad loopt buiten de melder om naar de lamp.

De aanduidingen verschillen per merk. Gebruik het aansluitschema van jouw melder bij het aansluiten. Sluit geen draad aan op basis van alleen de kleur of de vorm van een klem.

Schakel voor het aansluiten de juiste groep uit in de meterkast en voorkom dat iemand die weer inschakelt. Controleer met een goed werkende tweepolige spanningstester of de draden spanningsloos zijn. Controleer de tester zowel voor als na de meting op een bekend spanningspunt. Maak daarna pas de oude schakelaar los en sluit de melder aan. Laat het werk aan een elektricien over als je de draden niet betrouwbaar kunt herkennen of veilig kunt controleren.

Let op bij ledlampen en een tweedraads sensor

Een bewegingsmelder zonder nuldraad krijgt vaak een kleine stroom via de aangesloten lamp. Daardoor kan een ledlamp soms zwak blijven branden of knipperen wanneer het licht uit zou moeten zijn.

Koop een melder die geschikt is voor led en waarvan het aangegeven vermogensbereik bij je lamp past. Sommige fabrikanten schrijven bij bepaalde lampen een extra onderdeel voor, zoals een bypass. Gebruik zo’n onderdeel alleen als de fabrikant het voor die combinatie aanbeveelt en laat het zo nodig door een elektricien plaatsen.

Zet na montage de groep weer aan en maak een beweging om de lamp te testen: de lamp hoort aan te gaan en daarna weer uit te gaan. Stel, als de melder die mogelijkheden heeft, de brandtijd en lichtgevoeligheid af. Blijft de ledlamp knipperen of nagloeien, gebruik dan een ledlamp en een tweedraads melder die bij elkaar passen.

Scroll naar boven