Utp kabel aansluiten: zo maak je een werkende verbinding

utp kabel aansluiten

Een utp kabel aansluiten doe je door de kabel aan beide kanten van een passende aansluiting te voorzien en die te verbinden met je netwerkapparaten. Heeft de kabel al stekkers? Dan steek je die meestal direct in een LAN-poort van je router en in het apparaat dat je wilt verbinden.

Komt de kabel uit de muur en zitten er nog geen aansluitingen aan? Dan moet je de uiteinden eerst afwerken. Test daarna de verbinding en zet de kabel netjes vast.

Wat heb je nodig voor het aansluiten?

Welke spullen je nodig hebt, hangt af van de uiteinden van de kabel. Een kant-en-klare kabel met stekkers kun je meteen gebruiken. Bij een losse kabel heb je passende aansluitmaterialen en mogelijk gereedschap nodig.

  • Een utp-kabel die lang genoeg is voor de route.
  • Een vrije LAN-poort op de router of een netwerkswitch.
  • Een netwerkpoort op het apparaat dat je wilt aansluiten.
  • Bij een losse kabel: passende aansluitingen en het gereedschap dat daarvoor nodig is.
  • Eventueel een kabeltester om fouten in de aangesloten aders op te sporen.

Gebruik bij een losse kabel aansluitmaterialen die geschikt zijn voor het type kabel en de aders. Niet elke connector past goed op elke kabel.

Een utp kabel aansluiten in enkele stappen

  1. Bepaal de route. Leg de kabel van de router of switch naar de plek waar je internet nodig hebt. Houd wat extra lengte over bij de uiteinden, zodat je de aansluitingen kunt bereiken.
  2. Zorg voor een onbeschadigde kabel. Houd de buitenmantel heel en zorg dat de kabel niet klem zit. Maak geen scherpe bochten en trek niet hard aan de uiteinden.
  3. Werk losse uiteinden af. Heeft de kabel nog geen aansluiting, dan moet je die eerst aanbrengen. Volg daarbij het aansluitschema van het gekozen materiaal en houd dezelfde indeling aan beide kanten aan.
  4. Verbind de kabel. Steek het ene uiteinde in een vrije LAN-poort van de router of switch en het andere in de netwerkpoort van je apparaat. Druk de stekker aan tot hij vastklikt.
  5. Test de verbinding. Test de netwerkverbinding en het internet op je apparaat. Een kabeltester helpt om een fout in de aangesloten aders op te sporen.

Loopt de verbinding via een netwerkaansluiting in de muur? Gebruik dan een korte netwerkkabel tussen die aansluiting en je apparaat. In de meterkast of bij de router moet ook het andere uiteinde van de vaste kabel met het netwerk verbonden zijn.

Waar let je op tijdens het leggen?

Leg de kabel zo dat hij niet onder spanning staat of beschadigd raakt door een deur, meubel of scherpe rand. Zet hem vast met geschikt bevestigingsmateriaal, maar knijp de kabel niet plat.

Komt de kabel in de buurt van stroomkabels, houd dan afstand om storing te beperken. Leg een netwerkkabel niet zomaar bij elektriciteitsdraden in dezelfde buis. Kun je niet veilig bij de kabel of moet je in een bestaande elektrische installatie werken, laat dat werk dan aan een vakman over.

Werk je aan een kabel die ook stroom aan een apparaat levert, bijvoorbeeld een kabel voor een camera? Koppel die dan aan beide kanten los voordat je een uiteinde afwerkt of vervangt.

Wat als de verbinding niet werkt?

Steek beide stekkers eerst stevig vast en gebruik een LAN-poort van de router. Probeer daarna een andere poort of een andere netwerkkabel. Zo ontdek je of het probleem in de kabel, de poort of het aangesloten apparaat zit.

Werkt een zelf afgewerkte kabel niet, zorg dan dat de aders aan beide uiteinden vastzitten en op de juiste plek zijn aangesloten. Een ader kan loszitten of op de verkeerde plek zijn aangesloten. Een eenvoudige kabeltester laat zien of de verbinding tussen de aders klopt, maar bevestigt niet altijd dat de kabel ook de gewenste snelheid haalt.

Veelgestelde vragen

Moet de router uit tijdens het aansluiten?
Een gewone netwerkkabel met stekkers kun je meestal aansluiten terwijl de router aanstaat. Ga je een kabel afwerken, koppel die dan eerst los van de aangesloten apparatuur.

Kun je een computer rechtstreeks op de router aansluiten?
Ja, als beide apparaten een passende netwerkpoort hebben. Steek de kabel in een LAN-poort van de router en in de netwerkpoort van de computer.

Is een brandend lampje genoeg om de kabel te testen?
Een lampje bij de netwerkpoort kan aangeven dat er verbinding is, maar laat niet altijd zien of alle aders goed werken. Gebruik daarom internet op je apparaat om de verbinding te testen en zet bij problemen een kabeltester in.

Werkt de verbinding goed? Zet de kabel dan definitief vast en zorg dat je de stekkers bereikbaar houdt voor een volgende controle.

Scroll naar boven