Een UTP stekker aansluiten doe je door de kabelmantel te strippen, de acht aders in de juiste volgorde in een RJ45-stekker te schuiven en de stekker met een krimptang vast te zetten. Een kabeltester laat daarna zien of alle aders goed contact maken.
Wat heb je nodig voor een UTP stekker aansluiten?
Voor een gewone RJ45-stekker heb je een krimptang nodig die geschikt is voor RJ45-stekkers. Daarnaast gebruik je een kabelstripper of een geschikt mesje, een kniptang en bij voorkeur een kabeltester.
Kies een stekker die past bij de kabel. De stekker moet geschikt zijn voor de kabelcategorie, de dikte van de aders en het type kern. Een kabel met vaste aders heeft mogelijk een andere stekker nodig dan een kabel met flexibele aders. Niet elke stekker past op elke kabel, ook al lijken de stekkers op elkaar.
Haal de kabel uit aangesloten apparaten voordat je begint. Dat is vooral van belang als de kabel ook stroom levert aan een apparaat, zoals een camera of wifi-punt.
UTP stekker aansluiten in zes stappen
- Strip de buitenmantel. Verwijder ongeveer drie centimeter van de mantel. Snijd voorzichtig, zodat je de isolatie van de afzonderlijke aders niet beschadigt. Is een ader beschadigd? Knip het uiteinde dan af en begin opnieuw.
- Leg de aders op volgorde. Draai de aderparen alleen aan het uiteinde los en maak de aders recht. Bij schema T568B is de volgorde van links naar rechts: wit-oranje, oranje, wit-groen, blauw, wit-blauw, groen, wit-bruin en bruin.
- Knip de aders recht af. Houd ze naast elkaar en knip de uiteinden op gelijke lengte. Laat genoeg van de buitenmantel zitten om die straks mee vast te klemmen in de stekker.
- Schuif de aders in de stekker. Houd de stekker met de metalen contactpunten naar boven en het vergrendellipje van je af. Schuif de aders in de opening, tot ze vooraan in de stekker zitten. Schuif elke ader in een eigen kanaaltje en houd de juiste volgorde aan.
- Krimp de stekker vast. Schuif ook een stukje buitenmantel in de stekker. Plaats de stekker in de krimptang en knijp de tang volledig dicht. Zo worden de contacten vastgezet en klemt de stekker de kabelmantel vast.
- Test de aansluiting. Sluit beide uiteinden aan op een kabeltester. De tester laat zien of de aders contact maken en op de juiste pinnen zijn aangesloten.
Gebruik aan beide uiteinden van een gewone netwerkkabel hetzelfde aansluitschema. Zo sluit elke ader aan op de bijbehorende pin aan de andere kant.
Wat als de stekker geen goed contact maakt?
Een veelvoorkomende fout is dat een ader niet ver genoeg in de stekker is geschoven. Door de doorzichtige stekker zie je of alle acht uiteinden vooraan zitten. Schuif de buitenmantel ook onder de kabelklem. Zonder die klem kan het trekken aan de kabel de aders losmaken.
Geeft de kabeltester een fout aan? Bij een fout kan de volgorde niet kloppen of kan een ader ontbreken of verkeerd zitten. Een eenmaal gekrompen stekker kun je meestal niet opnieuw gebruiken. Knip hem af en monteer een nieuwe stekker op een onbeschadigd kabeluiteinde.
Werkt de verbinding wel, maar valt die soms weg? Ook dan kan een slecht vastgeklemde ader de oorzaak zijn. Een nieuwe test met de kabeltester laat zien of de aders contact maken en op de juiste pinnen zijn aangesloten, voordat je de kabel definitief wegwerkt.



