Automatische verlichting is inmiddels een vaste functie in veel nieuwe auto’s. Je stapt in, rijdt de schemering in en het licht gaat vanzelf aan. Geen gedoe, geen vergeten knopje. Maar hoe werkt dat precies, en waar moet je op letten? Want ook al doet je auto veel zelf, er zijn momenten waarop je toch zelf moet ingrijpen.
Hoe de lichtsensor het licht regelt
De meeste moderne auto’s hebben een lichtsensor op het dashboard, meestal vlak bij de voorruit. Die sensor meet hoeveel licht er om je heen is. Wordt het donkerder, dan schakelt de sensor het dimlicht in. Dit gebeurt zonder dat je iets hoeft te doen. De sensor reageert op de lichtsterkte buiten, niet op het tijdstip van de dag. Dat betekent dat de verlichting ook aangaat als je een tunnel inrijdt of als er een flinke regenbui valt. De sensor merkt de donkerte en reageert daar direct op. Bij veel auto’s gaan ook de achterlichten en de instrumentenverlichting mee aan zodra het systeem activeert.
Wanneer automatisch licht niet genoeg is
Het systeem werkt goed in de meeste situaties, maar er zijn uitzonderingen. Bij lichte mist of regen kan de sensor te laat reageren omdat er technisch gezien nog genoeg licht is. Toch is het in zulke omstandigheden veiliger om zelf het licht in te schakelen. Hetzelfde geldt bij rijden in de vroege ochtend of late middag, wanneer de lichtomstandigheden snel wisselen. Een ander moment waarbij je zelf moet handelen is bij het gebruik van mistlampen. Die schakelt het systeem nooit automatisch in, want dat is afhankelijk van jouw eigen inschatting van de zichtbaarheid. Wettelijk gezien is het in Nederland verplicht om met dimlicht te rijden bij onvoldoende zicht, dus het is goed om te weten wanneer je zelf moet ingrijpen.
Automatisch licht en verkeersveiligheid
Rijden zonder licht is gevaarlijker dan veel mensen denken. Andere weggebruikers zien je later aankomen en hebben minder tijd om te reageren. De automatische schakelaar helpt dit te voorkomen, maar er is een valkuil. Sommige bestuurders denken dat ze altijd goed zichtbaar zijn zodra ze op de automatische stand rijden. Dat klopt niet helemaal. Als je overdag door een donkere onderdoorgang rijdt en daarna meteen weer de zon in, kan het licht al snel weer uitschakelen. In zo’n situatie is het handiger om het licht even handmatig aan te laten. Bewustzijn blijft dus belangrijk, ook als je auto veel voor je regelt.
De stand op de schakelaar en wat die betekent
Op de verlichtingsschakelaar van een auto staan meestal meerdere standen. De stand met een A of een Autosymbool staat voor de automatische modus. Daarboven of daarnaast vind je vaak de standen voor stadslichten, dimlicht en soms groot licht. Stadslichten zijn de kleine witte lampjes aan de voor en achterkant van de auto, vroeger ook wel parkeerlampen genoemd. Die mag je in Nederland alleen gebruiken als je stilstaat of parkeert op een slecht verlichte plek. Op de automatische stand schakelt de auto normaal gesproken direct over naar dimlicht en slaat de stadslichtstand over. Wil je grootlicht gebruiken, dan doe je dat altijd handmatig. Dat activeert het systeem nooit zelf, omdat het gebruik afhankelijk is van de verkeerssituatie en de aanwezigheid van andere weggebruikers.
Veelgestelde vragen
Moet ik mijn verlichting handmatig inschakelen als ik in een tunnel rijd?
Als je auto op de automatische stand staat, schakelt het licht in een tunnel zelf in. De lichtsensor merkt dat het donker wordt en activeert het dimlicht direct. Je hoeft daar zelf niets voor te doen. Het is wel verstandig om bij langere tunnels even te controleren of de verlichting daadwerkelijk brandt.
Is het rijden op de automatische verlichtingsstand wettelijk toegestaan in Nederland?
Ja, rijden op de automatische stand is in Nederland gewoon toegestaan. De wet schrijft voor dat je bij onvoldoende zicht verplicht dimlicht moet voeren. Zolang het systeem dat correct doet, voldoe je aan de regels. In sommige situaties, zoals lichte mist, is het verstandig om zelf in te grijpen.
Gaan de mistlampen ook automatisch aan?
Nee, mistlampen schakelen nooit automatisch in. Die moet je altijd zelf aanzetten. Dat geldt voor zowel de voormistlampen als de achtermistlampen. De achtermistlamp mag je in Nederland alleen gebruiken bij zicht van minder dan 50 meter. Je bent zelf verantwoordelijk voor die keuze.
Werkt de lichtsensor ook bij regen overdag?
De lichtsensor reageert op de hoeveelheid licht, niet op het type weersomstandigheid. Bij zware regen kan het licht vanzelf aangaan omdat het flink donkerder wordt. Bij lichte motregen is dat niet altijd het geval, ook al is de zichtbaarheid verminderd. In dat soort situaties is het beter om het licht zelf handmatig in te schakelen.

Geef een reactie