Deurbel aansluiten vanuit de meterkast: zo pak je het aan

deurbel aansluiten meterkast

Een deurbel aansluiten vanuit de meterkast doe je via een beltrafo die de netspanning verlaagt. Vanaf die trafo lopen beldraden naar de drukknop bij de voordeur en, als je die hebt, naar de gong in huis. Sluit een deurbel die op lage spanning werkt nooit rechtstreeks aan op 230 volt.

Een bestaande geschikte beltrafo en bruikbare bedrading kun je opnieuw gebruiken. Dat kan werk schelen. Moet er iets in de groepenkast worden aangesloten of vervangen, laat dat dan door een elektricien doen.

Wat heb je nodig voor een aansluiting vanuit de meterkast?

In veel woningen zit de beltrafo in of bij de groepenkast. Deze zet de netspanning om naar een lagere spanning voor de deurbel. Bij een gewone bedrade bel is dat vaak 8 of 12 volt. Welke spanning jouw bel nodig heeft, staat op het apparaat of in de handleiding.

Gebruik een bestaande trafo met een uitgangsspanning en vermogen die passen bij je deurbel. De spanning en het soort spanning, wisselspanning of gelijkspanning, moeten passen bij je deurbel. Het vermogen van de trafo moet voldoende zijn voor de aangesloten apparaten. Een slimme deurbel kan andere eisen stellen dan een gewone drukknop met gong.

Verder heb je een beldraad nodig die van de meterkast naar de voordeur loopt. Is er een aparte gong, dan moet ook die op de juiste plek in het belsysteem zijn verbonden.

Deurbel aansluiten vanuit de meterkast in stappen

  1. De bestaande situatie. Zoek de beltrafo en volg de aanwezige draden: die kunnen naar de voordeur of de gong lopen. Open daarvoor geen afschermingen van de groepenkast.
  2. De aansluiting. Gebruik een trafo, deurbel en gong waarvan de gegevens bij elkaar passen.
  3. Volg het traject van de beldraad. Gebruik een beldraad die vanuit de meterkast bij de voordeur uitkomt en lang genoeg is. Gebruik alleen beldraden waarvan je weet waarop ze zijn aangesloten.
  4. Laat de bedrading aansluiten. De beldraden worden volgens het schema van het gekozen belsysteem verbonden. Bij een gewone bel zorgt de drukknop ervoor dat de gong afgaat. Bij een slimme deurbel kan de aansluiting anders zijn.
  5. Test de bel. Schakel de bel in en test de drukknop en eventuele gong. Een slimme deurbel moet stroom krijgen en goed opstarten.

Waar moet je op letten bij bestaande beldraden?

Een oude beldraad kan nog bruikbaar zijn, maar de aanwezigheid van een draad zegt niet of deze goed is aangesloten. Beschadigde isolatie, losse verbindingen of een draadbreuk kunnen storingen veroorzaken. Volg de beldraden en gebruik alleen draden zonder beschadigde isolatie of draadbreuk.

Schakel de voeding uit voordat er aan de bedrading wordt gewerkt. Laat een installateur vaststellen of de aansluiting spanningsloos is. In de groepenkast kunnen ook na het uitschakelen delen onder spanning blijven staan.

Werkt de gong niet, gebruik dan een trafo en gong die bij elkaar passen en test de drukknop. Zo voorkom je dat je de deurbel aansluit terwijl de voeding vanuit de meterkast niet geschikt is.

Scroll naar boven