230V-spots aansluiten: zo pak je het veilig aan

spots aansluiten 230v

230V-spots aansluiten doe je op het lichtnet, zonder losse 12V-transformator. Gebruik een spot die geschikt is voor 230 volt of sluit de spot aan via een meegeleverde voeding die geschikt is voor 230 volt. Schakel daarna de stroom uit.

Werk alleen zelf aan de aansluiting als je weet hoe je veilig met elektriciteit omgaat. Laat het werk anders over aan een elektricien.

Welke 230V-spots kun je direct aansluiten?

Een spot met een GU10-fitting werkt meestal op 230 volt. De fitting wordt dan op het lichtnet aangesloten en de GU10-lamp gaat in de fitting. Gebruik een fitting en een lamp die allebei geschikt zijn voor 230 volt.

Bij een ledspot met ingebouwde lichtbron kan een aparte ledvoeding nodig zijn. Staat er 230V op de ingang van die voeding, dan wordt de voeding op het lichtnet aangesloten en de spot op de uitgang. Sluit de spot niet rechtstreeks op 230 volt aan als alleen de voeding daarvoor geschikt is.

Een 12V-spot mag je nooit rechtstreeks op het lichtnet aansluiten. Vervang je oude 12V-spots door 230V-spots, laat dan ook de bestaande transformator en bedrading beoordelen.

230V-spots aansluiten in een paar stappen

  • Onderdelen en aansluitingen. Gebruik het label en de handleiding om passende onderdelen en de juiste aansluitingen voor de spot, fitting en eventuele ledvoeding te vinden.
  • Schakel de stroom uit. Zet de juiste groep in de groepenkast uit. Alleen de lichtschakelaar uitzetten is niet genoeg.
  • Meet de spanning. Test een geschikte tweepolige spanningstester voor en na de meting op een bekende spanningsbron en meet daarmee of de aansluiting spanningsvrij is.
  • Sluit de spot aan. Gebruik de aansluitklemmen die bij het armatuur of de voeding horen. Sluit de geschakelde fase aan op L en de nuldraad op N. Gebruik een lasklem die geschikt is voor het type draad.
  • Zet vast en test. Zorg dat de draden goed vastzitten, dat er geen bloot koper uitsteekt en dat de aansluitingen zijn afgedekt. Schakel daarna de groep weer in en test de spot.

Meerdere 230V-spots worden normaal parallel aangesloten, zodat iedere spot de juiste spanning krijgt. Heeft het armatuur een aansluiting voor aarde, dan moet die ook worden aangesloten.

Let op bij de montage

Zorg dat de verbindingen bereikbaar en beschermd blijven. Stop losse aansluitingen niet onafgedekt boven het plafond. Gebruik de bijgeleverde aansluitdoos of een andere geschikte behuizing.

Een inbouwspot heeft ook ruimte nodig om warmte kwijt te kunnen. Leg isolatiemateriaal alleen tegen of over de spot als dat bij het armatuur is toegestaan. De toegestane situatie verschilt per armatuur.

Kom je onbekende draden, beschadigde onderdelen of een oude transformator tegen? Laat een elektricien de situatie controleren voordat je de 230V-spots aansluit.

Scroll naar boven