Aardlitze aansluiten: zo verbind je de aarde van een grondkabel

aardlitze aansluiten

Een aardlitze aansluiten doe je door de blanke koperen draad van de grondkabel te verbinden met de beschermingsleiding, meestal de groen-gele aardedraad. Gebruik daarvoor een lasklem die geschikt is voor de aardlitze en de andere draad. Werk het blanke deel af met groen-gele isolatiekous en zorg dat de verbinding in een geschikte lasdoos zit.

De aardlitze is onderdeel van het aardscherm van een grondkabel. Ze helpt bij een beschadiging of een andere fout om de beveiliging te laten uitschakelen. Een goede verbinding is daarom meer dan alleen de draadjes tegen elkaar draaien.

Welke draad is de aardlitze?

Bij een grondkabel met aardscherm zit de aardlitze onder de buitenmantel, bij de metalen afscherming. Het is een blanke koperen draad die uit meerdere dunne draadjes kan bestaan. De aardlitze is dus niet de stalen mantel zelf.

Verwar de aardlitze ook niet met een van de geïsoleerde kabeladers. Bij een tweeaderige grondkabel zijn bijvoorbeeld de bruine en blauwe ader geïsoleerd, terwijl de blanke aardlitze apart bij het scherm ligt. Het aantal aders en de kleuren kunnen per kabel verschillen.

Aardlitze aansluiten in een lasdoos

Schakel eerst de betreffende groep uit en voorkom dat iemand die tijdens het werk weer inschakelt. Controleer met een tweepolige spanningstester of de aansluiting spanningsloos is. Test de spanningstester ook vóór en na de meting op een punt waarvan je weet dat er spanning op staat.

Daarna kun je de aardlitze als volgt aansluiten:

  • Maak de kabel voorzichtig vrij. Verwijder de buitenmantel zonder de aardlitze of de isolatie van de aders te beschadigen. De metalen afscherming kan scherpe uiteinden hebben.
  • Houd de aardlitze intact. Leg de koperen draad vrij en voorkom dat de dunne draadjes breken. Gebruik de stalen afscherming niet als losse aansluitdraad.
  • Markeer en isoleer de litze. Schuif groen-gele isolatiekous over het blanke deel, zodat het herkenbaar is als aarde en geen andere aansluitingen kan raken.
  • Maak de verbinding. Verbind de aardlitze met de groen-gele beschermingsleiding in een lasklem die geschikt is voor de gebruikte draadsoorten en draaddiktes. Volg de aanwijzingen van de klemfabrikant.
  • Controleer de montage. Kijk of alle draadjes goed vastzitten en er geen blank koper buiten de klem steekt. Sluit de verbinding af in een lasdoos die geschikt is voor de plek waar die komt.

Bestaat de aardlitze uit fijne draadjes, controleer dan of de klem daarvoor geschikt is. Een adereindhuls is niet bij iedere klem toegestaan of nodig. Draai de litze niet simpelweg om een andere draad heen en plak de verbinding ook niet alleen met tape af.

Waar sluit je de aardlitze op aan?

De aardlitze verbind je met de beschermingsleiding van de voeding. Loopt de grondkabel door naar een volgend aansluitpunt, dan moet ook daar de aardverbinding doorlopen. Metalen onderdelen die een aansluiting voor aarde hebben, moeten eveneens op de beschermingsleiding worden aangesloten.

Een aardlekschakelaar vervangt die verbinding niet. Laat de aansluiting en de werking van de beveiliging controleren door een elektricien, zeker als je niet weet waar de bestaande aardedraad naartoe loopt. Ook bij twijfel over het type kabel of een beschadigde aardlitze is het verstandig om te stoppen.

Veelgemaakte fouten bij de aansluiting

Een veelgemaakte fout is de blanke litze afknippen omdat er al een groen-gele draad zichtbaar is. De aardlitze hoort bij het aardscherm en mag niet zomaar los blijven. Ook een losse klem of afgebroken koperdraadjes kunnen ervoor zorgen dat de aardverbinding niet goed werkt.

Controleer daarom bij elke aansluiting of de litze intact is, groen-geel is gemarkeerd en stevig met de beschermingsleiding is verbonden. Zo blijft ook bij een later karwei zichtbaar welke functie deze blanke draad heeft.

Scroll naar boven