Stopcontact doorlussen: zo maak je een extra aansluiting

stopcontact doorlussen

Een stopcontact doorlussen betekent dat je een tweede stopcontact aansluit op de bedrading van een bestaand stopcontact. Beide stopcontacten blijven op dezelfde groep aangesloten en delen dus de beschikbare capaciteit. De draden verbind je via geschikte aansluitklemmen van het stopcontact of via aparte lasklemmen.

Doorlussen kan alleen als de bestaande installatie en de gekozen materialen daarvoor geschikt zijn. Werk je niet veilig aan elektrische bedrading, laat de aansluiting dan door een elektricien maken.

Hoe werkt een stopcontact doorlussen?

Bij doorlussen lopen de aansluitingen van het bestaande stopcontact verder naar het nieuwe. De stopcontacten zijn parallel aangesloten: beide krijgen hun eigen verbinding met de fase, de nul en, bij een geaarde installatie, de aarde.

In een moderne installatie is de fasedraad meestal bruin, de nuldraad blauw en de aardedraad geel-groen. Ga bij oudere of aangepaste bedrading niet alleen op de kleur af. Laat bij twijfel vaststellen welke draad welke functie heeft.

Het nieuwe stopcontact krijgt geen eigen groep. Gebruiken apparaten op beide stopcontacten samen te veel stroom, dan kan de groep uitschakelen. Zijn er al veel zware apparaten op de groep aangesloten, dan is een extra groep soms een betere oplossing.

Zo verloopt het doorlussen naar een tweede stopcontact

Voor deze klus heb je geschikt installatiemateriaal nodig, waaronder draad of kabel voor de vaste installatie en eventueel lasklemmen. De verbindingen moeten bereikbaar blijven in een geschikte doos. Volg deze stappen alleen als je weet hoe je veilig aan een elektrische installatie werkt.

  • Schakel de juiste groep uit. Voorkom dat iemand de groep tijdens het werk weer inschakelt.
  • Controleer of de spanning weg is. Gebruik een tweepolige spanningstester en controleer de werking van de tester voor en na het meten. Controleer ook tussen de verschillende aansluitingen.
  • Beoordeel de bestaande aansluiting. Kijk of er ruimte is voor extra draden en of de aansluitklemmen geschikt zijn om door te verbinden.
  • Verbind de draden naar het nieuwe stopcontact. Verbind fase met fase, nul met nul en aarde met aarde. Gebruik daarvoor geschikte klemmen en zorg dat elke draad goed vastzit.
  • Plaats alles terug en controleer de aansluiting. Zorg dat er geen blanke draad buiten de klemmen zichtbaar is en dat de draden niet klem komen te zitten. Laat de installatie controleren als je niet zeker weet of alles goed is aangesloten.

Welke klemmen gebruik je bij het doorlussen?

Sommige stopcontacten hebben per aansluiting aparte openingen voor een aankomende en een vertrekkende draad. Daarmee kun je rechtstreeks doorlussen. Stop niet zomaar twee draden in één opening: dat mag alleen als de klem daarvoor geschikt is.

Is rechtstreeks doorverbinden niet mogelijk, dan kun je geschikte lasklemmen gebruiken. Daarbij verbind je per functie de aankomende draad, de draad naar het bestaande stopcontact en de draad naar het nieuwe stopcontact. Controleer of de lasklem past bij het type en de dikte van de draad en of alles zonder proppen in de doos past.

Wanneer kun je beter niet doorlussen?

Is er geen betrouwbare aarde aanwezig, dan kun je die niet maken door alleen een geaard stopcontact te plaatsen. Laat een elektricien beoordelen hoe een veilige aansluiting mogelijk is. Dat geldt ook bij beschadigde bedrading, onbekende draadkleuren of een doos waarin onvoldoende ruimte is voor de verbindingen.

Een goed doorgelust stopcontact heeft stevige verbindingen en past bij de belasting van de bestaande groep. Laat de aansluiting controleren voordat je haar gebruikt als je daar niet zeker van bent.

Scroll naar boven